Een dag in het onderwijs #1

Inleidende woorden
Werken in het onderwijs is enorm afwisselend. Werken in het onderwijs is erg intensief. Werken in het onderwijs is heel leuk. Ik ben dan nog student (4e jaars PABO-student), maar na enkele jaren studie -en dus jaren stage- heb ook ik al de diversiteit en veelkleurigheid op de basisscholen mee mogen maken.

SInds september 2013 loop ik stage in een groep 6, met 22 kinderen en een fulltime klassenleerkracht. Deze klas kent veel energie en heeft 22 unieke en geweldige kinderen. Ik heb een band op moeten bouwen met deze kinderen en de individuele behoeftes die zij hebben. Erg interessant en erg enerverend.

Positie als stagiair
Sinds mijn eerste stage-ervaring heb ik naar mijn idee erg veel geluk gehad. Mijn stages waren flexibel, ondersteunend en uitdagend. Ik werd vrijgelaten voor de klas in mijn doen en laten en in overleg kon er erg veel. Ik zeg dat ik geluk heb gehad, aangezien ik door de jaren heen ook ‘horrorverhalen’ heb gehoord van medestudenten. Een selectie:

Casus 1:
Een student wilde graag meerdere lessen achter elkaar geven en toewerken naar hele dagen lesgeven. De leerkracht van de klas -de bewust gekozen en benoemde mentor van een docent in opleiding dus- zag dit echter niet zitten aangezien zij lesgeven zelf veel te leuk vond.

Casus 2:
Tijdens het buitenspelen van groep x kijkt de klassenleerkracht toe op het plein. De student die stage loopt in die klas hoort daar dus ook bij. Een leerkracht van een andere groep (die op dat moment geen les geeft en niet buiten speelt met haar klas) komt aanlopen. Ze zegt tegen de student dat drie leerkrachten op het plein wel erg veel is voor één klas zegt ze tegen de student (die bij haar collega stage loopt) dat ze maar even koffie moet gaan halen, zij wil wel wat drinken. Deze student zat toen in het derde jaar.

Casus 3:
Een student loopt stage in een klas en geeft een les. Deze les ziet er anders uit dan hoe de klassenleerkracht zelf de les zou geven. In mijn ogen hoeft dit geen enkel probleem te zijn, aangezien je als stagiair een eigen lesstijl ontwikkelt en er meerdere wegen naar het spreekwoordelijke Rome leiden. De klassenleerkracht had hier echter een andere visie op en tijdens deze betreffende les werd de student herhaaldelijk onderbroken met aanwijzingen en feedback (kritiek?) van de leerkracht op de lessituatie. De student werd hier heel onzeker van en voelde zich onprettig.

Topje zonder ijsberg
Dit zijn drie voorbeelden van stageverhalen die door studenten als onprettig werden ervaren. Gelukkig is dit (wat betreft de verhalen en ervaringen die ik heb meegekregen) slechts een kleine hoeveelheid. De stagescholen worden bewust en specifiek gekoppeld aan studenten en de PABO in het algemeen. Ook leerkrachten kunnen erachter komen dat het begeleiden van een stagiair(e) anders is dan hij of zij van tevoren gedacht had. Door samen erover te praten en met medestudenten ervaringen uit te wisselen, creëer je een klankbord en bron van ondersteuning en tips.

Tot slot
Zoals eerder genoemd heb ik louter positieve stage-ervaringen. Wel heb ik onlangs een quasi-sterotype stage-ervaring mogen meemaken. In mijn huidige stage haal ik altijd koffie en thee voor de klassenleerkracht en mijzelf.

Dit is echter op basis van mijn eigen initiatief. Mijn mentor vertelt zelf dan ook met een glimlach tegen collega’s dat het goed is dat ze mij als stagiair in de klas heeft. Want “…als Lars er is, drink ik tenminste genoeg”.

Bedankt,

Lars van Rooijen

Een reactie plaatsen